Het enige nationaal park van België — bos, heide en verrassend veel leven op wat ooit gewoon zandgrond was.
Goed Waar Hoge Kempen trots op mag zijn
Het is het eerste en tot vandaag enige nationaal park van België, opgericht in 2006.
Het park groeide van zo'n 5.700 hectare bij de opstart naar meer dan 12.000 hectare vandaag.
Er zijn meer dan 9.000 soorten planten en dieren geteld — mogelijk meer dan 10.000 zodra alles in kaart is gebracht.
Meer dan 200 kilometer bewegwijzerde paden, plus een heus blotevoetenpad.
Negen toegangspoorten, elk met hun eigen thema — één ervan is volledig gewijd aan de mijngeschiedenis van de streek.
Internationaal geldt het park als een voorbeeldproject voor natuurbehoud: een zeldzame samenwerking tussen industrie, overheid en natuurorganisaties.
Minder goed Het eerlijke verhaal
Een groot deel van het indrukwekkende landschap — de meren, de kraters, de zandgrond — is geen ongerepte natuur, maar het letterlijke litteken van decennia zand- en grindontginning.
Al die ontginning deed het grondwaterpeil in de streek dalen.
Zelfs vandaag liggen er nog enclaves binnen de parkgrenzen met bewoning, groeves en industrieterreinen — helemaal "puur" is het dus nog niet.
Grappig Voor bij een wandeling
Een van de bewoners luistert naar de heerlijke naam "Europese bijenwolf" — een wesp die zich specialiseert in het jagen op bijen.
Het blotevoetenpad is bijna anderhalve kilometer lang — check dus vooraf even het weerbericht.
Zo'n 700.000 mensen bezoeken jaarlijks een gebied dat honderd jaar geleden amper een blik waard leek.